Mountainbiken is op zijn mooist als het net niet meezit. Een modderige trail na een regenbui, spattend water in de bochten en een frisse wind door de bomen: voor veel rijders hoort dat bij de sport. Toch bepaalt je kleding of zo'n rit een feestje wordt of een koude, natte beproeving. Wie weet hoe je jezelf droog en warm houdt, blijft langer plezier houden en fietst veiliger. Het begint met begrijpen waarom gewone regenkleding op de trail vaak tekortschiet
Op de mountainbike werk je hard, ook als het koud is. Een dichte, niet-ademende regenjas houdt de bui buiten, maar sluit je zweet net zo goed op, waardoor je van binnenuit alsnog kletsnat wordt. Bovendien zit zo'n jas vaak te ruim en flappert hij in de wind, wat energie kost en je hindert in de techniek. Voor mountainbiken wil je daarom kleding die waterdicht en ademend tegelijk is, met een snit die meebeweegt en niet in de weg zit tijdens sprongen of steile afdalingen.
Een goede mountainbikejas combineert een waterdicht membraan met gesealde naden en genoeg ventilatie om warmte kwijt te raken. Let op ritsen onder de armen, een langer rugpand dat je onderrug bedekt in de fietshouding en manchetten die aansluiten zodat er geen water inloopt. Bij het kiezen helpt het om verschillende types naast elkaar te leggen; in een overzicht van Fietsjassen zie je meteen het verschil tussen een lichte windjack en een volledig waterdicht model voor stevige buien. Voor korte, koude ritten volstaat vaak een windjack dat je makkelijk opbergt; ga je urenlang de bossen in bij aanhoudende regen, dan is een echt waterdichte jas met getapete naden zijn geld waard. Veel rijders hebben er daarom twee, en kiezen per rit welke past bij het weer en de duur.
Een jas is het begin, maar droog blijven doe je met je hele uitrusting. Waterdichte handschoenen houden je vingers soepel op de remmen, een goede bril weert opspattende modder en waterdichte sokken of overschoenen voorkomen koude voeten, misschien wel de grootste spelbreker op een natte rit. Wie zijn fietskleding in laagjes opbouwt, kan bovendien inspelen op wisselend weer: een dun basislaagje dat vocht afvoert, daarover isolatie en als sluitstuk de waterdichte buitenlaag. Zo blijf je van top tot teen comfortabel.
Regen verandert een trail, en niet elke ondergrond reageert hetzelfde. Zandige paden blijven vaak goed berijdbaar, terwijl leem en boswortels spekglad worden. Veel officiële routes liggen op terrein van Staatsbosbeheer, dat aangeeft wanneer paden bij nattigheid kwetsbaar zijn en beter met rust gelaten kunnen worden. Rijd dus met respect voor de ondergrond, en check vooraf op overzichten zoals Bikepark Groningen welke locaties ook bij slecht weer geschikt zijn om je techniek te oefenen.
Met kleding die waterdicht en ademend is, aandacht voor je handen en voeten, en een beetje kennis van het terrein, hoeft een grauwe hemel je nooit thuis te houden. Sterker nog, veel rijders vinden een rit door de regen juist het meest voldoening gevend: rustiger op de trails, mooier licht en dat heerlijke gevoel als je thuis onder de warme douche stapt. Neem na afloop wel even de tijd om je fiets af te spuiten en de ketting opnieuw te smeren, want modder en water zijn niet alleen zwaar voor jou maar ook voor je materiaal. Zorg dat alles op orde is, en het weer wordt een deel van het avontuur in plaats van een reden om binnen te blijven.